Home > Nieuws > Interview met Korneel Van Neste & Justin Glaie

Interview met Korneel Van Neste & Justin Glaie

“Liefde als rode draad”

 

Contratenor Korneel Van Neste (25) en luitist Justin Glaie (28) maken samen twee derde uit van het trio Sweete Devils, een naam die u bekend in de oren kan klinken. In 2019 namen ze inderdaad tijdens Laus Polyphoniae deel aan onze International Young Artist’s Presentation (IYAP). Dat ze nu slechts met twee op het podium staan, dwong hen op zoek te gaan naar een minimalistische setting. 

Hoe is dat verlopen? 
K: We brachten in het verleden al heel wat Engelse muziek dus het zijn stukken waar we lang aan hebben kunnen werken, die echt gegroeid zijn.
J: Door alle stukken heen vormt liefde de rode draad. Ontzettend veel muziek gaat natuurlijk over liefde, en we hebben allemaal de neiging om in uitersten te denken als het over liefde gaat: vrolijk verliefd of hopeloos hartverscheurend. Terwijl er net zoveel verschillende aspecten aan liefde en relaties zijn. We laten elk lied zijn eigen liefdeservaring vertellen.
K: Enkele liederen zijn dubbelzinnig op te vatten.  Je zou ze kunnen horen als extreem romantisch: “Ik sterf als ik je niet meer kan zien!!” Dat sterven kan je ook interpreteren als ‘la petite mort’. Het spelen met affect en effect is ook typisch voor de liefde, en dat wilden we doortrekken in het volledige programma.

Naast het liefdesverhaal dat zich afspeelt in en tussen de liederen, is er nog een tweede verhaallijn. Die van de historische context.
K: Eigenlijk is het concept van een concertzaal met vijfhonderd of meer zitjes iets zoals alleen wij het kennen, iets heel moderns. Heel veel muziek in die tijd werd in feite geschreven ‘in functie van’. Requiemmissen zijn een duidelijk bijvoorbeeld, maar luitliederen werd geschreven voor vermaak. Bedoeld om van te genieten in een klein gezelschap, niet voor vijfhonderd paar oren.
J: Van Franciscus Bossinensis (1485-1510, Italiaanse luitist en componist n.v.d.r.) is bijvoorbeeld geweten dat hij  preludes componeerde die tussen vocale stukken dienden te worden gespeeld. Dat lijkt iets onbelangrijks, maar het levert ons wel een accuraat beeld op van de historische muziekpraktijk van de 16de eeuw,  toen er vooral in de thuiscontext werd gemusiceerd. We proberen dat aspect van de muziek terug boven water te halen. En deze bezetting is ideaal om die kleinschalige thuiscontext zoveel mogelijk te benaderen.

Onze 21ste-eeuwse oren

En hoewel ze in die intieme setting dankzij hedendaagse technologie zo goed als bij u in de woonkamer spelen zoals vierhonderd jaar geleden het geval zou zijn geweest, kan u alleen maar luisteren als een kind van uw tijd. 
K: Je probeert dat gegeven van historische thuisconcerten te implementeren in de realiteit van vandaag.  Als uitvoerend artiest moet je ook tegemoetkomen aan dat verwachtingspatroon van het publiek. We kunnen daar niet los van staan.
J: Ik hou ervan om te concerteren, maar ik hou eigenlijk nog meer van repeteren. Het samen musiceren, praten, nieuwe dingen proberen. Natuurlijk is het altijd interessant om het resultaat daarvan aan het publiek te kunnen schenken, maar het werkproces vooraf is minstens zo interessant …
K: … inderdaad! Het originele gegeven – samen musiceren in de woonkamer – zit nog steeds in de muziekpraktijk. Alleen is de overkoepelende opzet verschoven: van ongedwongen vermaak naar concerteren voor een groot publiek. En wat repeteren betreft, het zit al in het woord zelf, namelijk altijd hetzelfde doen. En ik doe dat niet per se graag. Ik bouw liever iets op. Ik wil kunnen spelen met die muziek: iets toevoegen, iets weglaten. De oudemuziekbeweging is in zijn diepste wezen ook heel nieuwsgierig. Niet louter uitvoerend, maar ook analyserend, vragen stellend, uitpluizend, explorerend. Dat trekt me er ook zo in aan.
J: Dat en het feit dat het ook zo’n grote periode omvat: er is middeleeuwse muziek, renaissance, barok. En binnen elke subcategorie, zoals middeleeuwse muziek, zijn er nog zoveel verschillende genres. Er is nog zoveel om te ontdekken!
K: Valt het op dat ik graag speel?

Wie Korneel, Justin of Sweete Devils kent, herkent die speelsheid in een oogwenk en weet dat ze graag sleutelen aan bovengenoemd verwachtingspatroon. Zo liet de openingsscène in hun IYAP-deelname Soldiers Live zich het best omschrijven als ‘Monty-Pythonachtig’, inclusief kokosnotenpaard. Hoe kijken jullie terug op die IYAP-editie? 
K: Dat programma toont inderdaad aan dat we onszelf niet altijd even serieus nemen. Rond klassieke muziek hangt vaak een sfeer van “serieuziteit”. Er zijn muzikanten zoals L’Arpeggiata of Marco Beasley die daar al meer mee durven spelen. En ik denk dat er meerdere ‘veteranen’ zijn die een nieuwe interpretatie wel genegen zijn. Na onze eerste IYAP-coachingsessie gaf Peter Van Heyghen (blokfluitist en een van de IYAP-coaches, n.v.d.r.) toe dat hij niet zo heel zeker was na onze auditie. Net omwille van onze manier om een programma rond oude muziek op te bouwen. Maar hij en Raquel (de Spaanse sopraan Raquel Andueza, bekend van het vocale kwartet La Colombina en een van de IYAP-coaches, n.v.d.r.) stonden wel open voor die interpretatie. We hebben niet alleen enorm veel van hun advies geleerd, maar eigenlijk hebben ze uiteindelijk zelfs bijgedragen. Het is dankzij Raquel dat de Spaanse generaal die in een van de liederen aan het woord komt, weerklonk met een overdreven zwaar Spaans accent. (lacht) Toen wist ik dat die deelname de juiste beslissing was. Maar het is moeilijk om tegen de verwachtingen in te gaan, en dat bleek ook uit de reacties die we nadien kregen. Het feedback-comité was enthousiast, maar stelde zich wel de vraag hoe je dit nu een plaats kunt geven in een festival.

Ademnood

Risico’s nemen hoort nu eenmaal bij artiest zijn. Het begint met jezelf in de wereld te zetten als muzikant, acteur of schrijver. “Dat is op zich niet evident. Want eraan beginnen zonder enige passie, doe je niet.” Dat heeft 2020 nog maar eens scherp gesteld. Was 2020 een kans om de ratrace even stil te leggen of eerder een jaar vol frustraties? 
K: Willem Vermandere heeft ooit gezegd dat voor muzikanten het kunnen musiceren voor een publiek de zuurstof van hun leven is. Naast ons inkomen is dit jaar ook onze bestaansreden weggevallen. En dat inkomen kan je opvangen door iets anders te gaan doen, wat veel artiesten daadwerkelijk doen. Maar je mag de energie niet onderschatten die een concert én de interactie met het publiek je geven.
J: Maart, april en mei zijn nu ook eenmaal de drukste maanden van een jaar en in één beweging werden niet alleen alle concerten van tafel geveegd, maar ook alle voorbereidingen. Ik heb het geluk dat ik ook instrumentenbouwer ben, dat maakt die lockdowns voor mij enigszins draaglijk. Maar ik besef goed dat hoe langer de concertzalen gesloten blijven, hoe meer de nood aan nieuwe instrumenten afneemt. Dus op termijn kan ook mijn situatie problematisch worden.
K: Er zijn inderdaad muzikanten die tijdens de passietijd in één maand tijd een derde van hun jaarloon verdienen. In vergelijking met hen bevond ik me als student nog in een redelijk comfortabele positie. In maart was ik mijn laatste jaar aan het conservatorium in Den Haag nog aan het afronden. Volop aan het toewerken naar mijn eindexamen, dat uiteindelijk nooit heeft kunnen plaatsvinden. Ik ben wel afgestudeerd, maar zonder dát grote moment, dat is sneu.

Ieder concert dat nu gepland staat, heeft voor iedere muzikant onvermijdelijk een dubbele betekenis. Want hoe leef je ten volle naar iets toe als de kans groot is dat je daarbij je eigen teleurstelling opbouwt? 
K: Elk moment kan er een telefoontje komen dat alles annuleert.
J: Je hebt voortdurend het gevoel op de wip te zitten: wel of niet, of toch wel, maar dan weer niet …
K: En als het dan toch doorgaat, vraag je je tegelijkertijd af of dit wel verantwoord is. Door die gedachte stel je je eigen job momenteel voortdurend in vraag, en dat is een redelijk existentiële vraag om een tijdje mee rond te lopen he.
J: Daarom willen we graag iedereen bedanken voor deze opportuniteit. Want het is eigenlijk geen evident moment om jonge artiesten te steunen.
K: Dank u om ons te laten ademen!

Julie Hendrickx

 

Naar het concert