Home > Nieuws > Laus Polyphoniae > Ensemble memor over liefde voor oude muziek

Uit een ander tijdperk, maar tegelijk dat menselijke dat de eeuwen overstijgt

Ensemble memor over liefde voor oude muziek

 

Het ensemble memor kaapte in 2023 de eerste prijs weg van het Van Wassenaerconcours, dat jaarlijks plaatsvindt in de schoot van het Festival Oude Muziek in Utrecht. Het duo, dat bestaat uit zangeres Karin Weston en vedelspeelster Elizabeth Sommers, presenteert op maandag 25 augustus in AMUZ poëtische middeleeuwse liederen van de 12de tot de 14de eeuw.

Westons liefde voor oude muziek, en middeleeuwse muziek in het bijzonder, ontstond tijdens haar studies, toen haar zanglerares haar voor het eerst een stuk van Hildegard von Bingen gaf. Na haar masteropleiding historische uitvoeringspraktijk aan de universiteit in Ohio besloot Weston zich toe te leggen op middeleeuwse muziek en trok ze naar de Schola Cantorum in Bazel, Zwitserland. “Middeleeuwse muziek is zo divers en heeft zoveel verschillende muzikale werelden die ik fascinerend vond, maar niet goed begreep”, vertelt ze. “Met middeleeuwse muziek maak je een tijdreis naar een andere wereld. En de Schola Cantorum is een van de beste plekken om dat repertoire te bestuderen.”

Voor Sommers vatte de liefde voor oude muziek vuur toen ze bij het kerkkoor zong. “We zongen Byrd, Tallis, da Palestrina en andere polyfonisten. Ik merkte dat ik het oudere repertoire steeds het mooiste vond. Getriggerd door die oude koormuziek wilde ik ook oude muziek op mijn viool kunnen spelen, en zo volgde ik tijdens mijn laatste jaren middelbare school barokvioollessen. Het werd me al snel duidelijk dat ik daarmee verder wilde, dus koos ik ervoor barokviool te studeren aan de Indiana University Jacobs School of Music. Tot de covidpandemie in 2020 alles stillegde en we allemaal naar huis werden gestuurd. Het is in die periode dat ik besloot dat ik me het liefst wilde specialiseren in barokviool en daarvoor naar Bazel zou gaan. Zodra ik daar begon, wilde ik de middeleeuwse vedel uitproberen – de voorloper van de barokviool. Ik raakte totaal verzot op het instrument en zijn mogelijkheden. Het waren troubadoursliederen die voor mij de poort openzetten naar een muzikaal universum dat me totaal overrompelde. De muzikale taal van die liederen vond ik onmiddellijk zoveel kleurrijker en genuanceerder dan wat ik kende. Ik leerde dat dat kwam door het gebruik van middeleeuwse modi (die de muzieknoten anders organiseren dan de latere grote- of kleinetertstoonaarden, n.v.d.r.). De manier hoe je een melodie kan vormgeven binnen die modi, en hoeveel vrijer je ook ritmisch bent in middeleeuwse muziek, vind ik van een ongeziene muzikale vrijheid en creativiteit. Na twee maanden aan de Schola Basiliensis besloot ik mijn barokviool in te ruilen voor de middeleeuwse vedel – en ik heb er nog geen moment spijt van gehad. Baptiste Romain (hoofddocent vedel in de Schola Cantorum Basiliensis en artistiek leider van Le Miroir de Musique, n.v.d.r.) is een fantastische leraar. Hij leerde ons de taal van elke middeleeuwse modus, de verschillende stijlen en genres, renaissancemuziek, improvisatie, het principe van de Guidonische hand.”

Weston en Sommers leerden elkaar kennen op de Schola Cantorum, waar ze in hetzelfde schooljaar zin gestart. “Nadat we in verschillende bezettingen hadden samen gespeeld, was het voor mij al snel duidelijk dat ik een bijzondere muzikale klik had met Liza (Sommers),” bekent Weston. En toen ik me wilde inschrijven voor het Van Wassenaerconcours in Utrecht in 2023, was ik ervan overtuigd dat we als duo een bijzonder repertoire konden presenteren.” “Ik vind ons als duo heel krachtig, en tegelijk heel flexibel,” vult Sommers aan, “de communicatie tussen ons beiden is puur en vanzelfsprekend.” “We willen onze uitvoeringen ook spontaan en fris houden, met genoeg ruimte voor interpretatie op het moment. We beginnen vaak met een eenstemmig vocaal stuk dat ik instudeer,” legt Weston uit, “zodat ik de tekst quasi van buiten ken en ik inhoudelijk perfect weet wat ik zing. En daar improviseert Elizabeth dan een tweede stem bij. Het was destijds heel gebruikelijk om zang met vedel te begeleiden, ook in de religieuze muziek.”

“Improvisatie is altijd een wezenlijk aspect van mijn musiceren geweest,” vertelt Sommers. “Mijn vroegste muziekherinnering is dat ik mezelf in slaap zong met liedjes die ik verzon, ik moet dan zo’n vier jaar zijn geweest. En toen ik vanaf mijn achtste viool leerde spelen, voelde muziek op het gehoor naspelen voor mij altijd als het meest natuurlijke. Ook mijn leraren aan de Kanack School of Music in Rochester, New York integreerden improvisatie spelenderwijs in hun vioollessen. Muzieknoten lezen of muziek van het blad spelen deed ik pas vlot rond mijn vijftiende. Maar ik ben erg dankbaar dat improvisatie nog steeds heel vanzelfsprekend voor mij is en een logische plek kan krijgen in dit middeleeuwse repertoire. Maar niet alles is improvisatie, bepaalde stukken in het programma, zoals Clavus pungens of Transfretase legitur in duabis navibus zijn tweestemmig gecomponeerd, waarbij ik dan de tweede zangstem speel.”

“Het programma dat we brengen, is een verzameling van onze lievelingsstukken uit dit repertoire – en dat geldt eigenlijk voor elk programma dat we samenstellen,” vertelt Sommers. “Sommige werken dragen we al enkele jaren met ons mee, we hebben er een zekere emotionele connectie mee.” “Het is voor ons ook belangrijk om connectie te voelen met de tekst,” zegt Weston. “De teksten van het Notre-Damerepertoire in het bijzonder zijn krachtig, poëtisch en filosofisch, soms ook politiek getint. Zo wordt in Transfretase legitur de komst van Christus verbeeld alsof Hij aankomt op een schip. Lilium floruit is dan weer een heel lieflijk lied over lelies en lammeren, en als het publiek het Latijn niet helemaal begrijpt (de vertaling zal u kunnen vinden in het festivalprogrammaboek, n.v.d.r.), zal de sfeer van het lied boekdelen spreken. Clavus pungens beschrijft op zijn beurt de kruisiging, maar verwoordt in de laatste strofe een politieke aanklacht tegen de rijkdom en corruptie van de Kerk.” “Deze middeleeuwse liederen komen weliswaar uit een totaal andere wereld, maar verhalen evengoed over dingen die we ook vandaag kennen of ervaren”, besluit Sommers. “Vandaag kunnen we, net als toen, verwonderd zijn over de schoonheid van de natuur of verontwaardigd zijn over onrecht of corruptie. Deze liederen hebben dus enerzijds ‘dat vreemde’ uit een ander tijdperk, maar anderzijds ook dat menselijke dat vertrouwd voelt en de eeuwen overstijgt.”

Naar het concert

memor

25 augustus 2025 13:00